Skip to main content
Nid: 213 Body: De St. Jacobskerk heeft een mooie en inmiddels langdurige traditie van kerstconcerten door excellente Engelse koren, met name uit Cambridge, soms Oxford en nu voor de eerste keer een topkoor uit London. Met het Choir of Royal Holloway is echt een muzikale zwaargewicht binnen gehaald. Royal Holloway wordt als een van de beste en veelzijdigste gemengde college-koren beschouwd in het Verenigd Koninkrijk. Hun discografie op Hyperion is indrukwekkend en internationaal ook goed ontvangen. Het koor, opgericht in 1886, concerteert grofweg 50 keer per jaar wereldwijd, maar natuurlijk wordt het eigen college niet vergeten. Royal Holloway is gespecialiseerd in muziek uit de late renaissance, maar hedendaagse muziek staat eveneens hoog op het programma, met name muziek uit de Baltische staten, waar men een speciale relatie mee heeft. De pers had daar het volgende over te melden: “Under Rupert Gough's care since 2005, the Choir of Royal Holloway College has attained standards of musicianship and technical refinement high above the reach of most student ensembles...Gough and his choristers are outstanding." (Classic FM Magazine) In het programma van 19 december komen de traditionele kerstliederen uitgebreid aan bod, plus diverse door de kerst geïnspireerde werken van diverse componisten uit diverse periodes, van Bach tot Mendelssohn, waarin een zeer hoog vocaal niveau samen zal gaan met een hopelijk behaaglijk kerstgevoel.
Nid: 219 Body:

Een in 1991 gepubliceerde lijst, de zogenaamde "Shakespeare Music Catalogue", bevat meer dan 20.000 titels van “Shakespeare-muziek”.
Shakespeare’s toneelstukken bevatten talrijke fragmenten, die gezongen behoren te worden en waarvoor componisten van zijn tijd melodieën of verdere bewerkingen hebben geleverd. Bovendien is er bijna geen enkel toneelstuk van Shakespeare dat niet ooit bewerkt is als opera. Er is kortom genoeg schitterend materiaal te vinden bij Purcell en tijdgenoten als Blow, Dowland, Johnson, Morley en Lawes.
Tijdens dit concert krijgt u dus een bescheiden, maar hoogst afwisselende selectie van deze "Shakespeare-muziek" te horen.
Geheel in deze Engelse baroksfeer voegt het ensemble bij wijze van bonus speciaal een orgelconcert van Händel toe, we zijn per slot van rekening in de St. Jacobskerk met haar fantastische orgels.
Het Euterpe Baroque Consort werd in 2004 door Bart Rodyns opgericht en bestaat uit een vocaal en een instrumentaal ensemble, spelend op authentieke barokinstrumenten, die zowel afzonderlijk als samen optreden, afhankelijk van het programma. Het is een gemengd en kosmopolitisch gezelschap, waarbij de diverse leden ook actief zijn in prominente groepen als het Monteverdi Choir, Collegium Vocale Gent, The Sixteen, RIAS Kamerkoor, het Gabrieli Consort en de Nederlandse Bachvereniging.
De laatste jaren is er sprake van een doorbraak, zeker in België, met openingsconcerten tijdens Het Festival van Vlaanderen en veelvuldige en ook veelgeprezen concerten voor de Vlaamse klassieke radio-zender Klara.

Bezetting
Sarah Van Mol sopraan
Maia Silberstein & Martine Beernaert viool
Tine Van Parys cello
Bart Rodyns clavecimbel, orgel

Nid: 220 Body:

Het Koningin Elisabeth Concours is zo toonaangevend dat zelfs een tweede of derde plaats goud waard is, terwijl de uiteindelijke winnaar niet anders dan een uitzonderlijk talent kan zijn.
Zoals de winnaar van 2017, de Franse cellist Victor Julien-Laferrière, die op 9 februari voor het voetlicht treedt in Vlissingen, samen met pianist Jonas Vitaud, met een bovengemiddeld boeiend programma bovendien.
Deze jonge cellist, leerling van Heinrich Schiff en Clemens Hagen, won in 2012 al het Internationale Lente Concours in Praag.
Julien-Laferrière werkte voornamelijk met grote Franse en Belgische orkesten onder niet de minste dirigenten als Seiji Ozawa en Peter Oudjian, en is ook een gedreven kamermuzikant, zijn eerste eigen cd leverde hem vele prijzen op, de Diapason d’or niet in de laatste plaats.
Jonas Vitaud heeft ook de nodige internationale palmares op zijn naam en werkte nauw samen met György Kurtag en Henri Dutilleux. Van laatstgenoemde componist was hij min of meer de huispianist, hij bracht in ieder geval meerdere goed ontvangen c.d.’s uit met muziek van Dutilleux.

Programma
Ludwig van Beethoven (1770-1827)
Sonate für Violoncello und Klavier F-Dur op. 5/ 1
Bohuslav Martinu (1890-1959)
Variations on a Theme of Rossini H 290
Pauze
Sergej Rachmaninow (1873-1943)
Sonate für Violoncello und Klavier g-Moll op. 19

Nid: 226 Body:

Nils Petter Molvaer is een pionier en grootmeester in de hedendaagse fusie van jazz en elektronische muziek. De trompettist had, gesteund door het toonaangevende ECM-label, eind jaren negentig wereldwijd succes met het album “Khmer”. Molvaer staat voor een eigenzinnige mix van jazz, rock en ambient, waarbij hij zich zeker ritmisch ook laat beinvloeden door techno, elektronische muziek, break-beats en hip-hop. Hij versmelt deze stijlen moeiteloos in overrompelende en intense soundscapes. Een atmosferisch, omfloerst trompetgeluid is het belangrijkste handelsmerk van de onder meer door Jon Hassell en Miles Davis beïnvloedde Noor. Molvaer werkte samen met Dhafer Youssef, Stian Westerhus, David Sylvian, Herbie Hancock, Bill Laswell, Sly & Robbie en Manu Katché.
Nils Petter Molvaer is een grote naam in de hedendaagse jazz, die de typische Noorse jazzmuziek op de kaart heeft gezet. Jazz die klinkt als een expeditie door noordse landschappen. In tegenstelling tot veel van zijn epigonen, weet Molvaer zich in dit ijzige genre nog immer te vernieuwen, zoals in Middelburg ook zal blijken, waar vooral materiaal gespeeld zal worden van de nieuwe cd “Buoyancy”, die aardig psychedelisch klinkt, als een jazz-toonzetting van de vroege Pink Floyd.
“Hij benut de trompet om er lange, kleurrijke en melodische klanklandschappen mee te creëren. Ze zijn etherisch, transcendent, neigen naar ambient en wijzen naar een nieuwe richting in nu-jazz… Breekbaar, bibberend, zacht en indringend blies de trompettist zijn instrument aan. Het resultaat: misschien wel de mooiste toegift die ik ooit hoorde.” (Jazzenzo, Rinus van der Heijden)

Bezetting
Nils Petter Molvær trompet
Geir Sundstøl gitaar, pedal-steel
Jo Berger Myhre bas
Erland Dahlen drums

Nid: 227 Body:

Chris Potter is de beste tenorsaxofonist ter wereld, althans volgens de Down Beat-poll uit 2014, waarbij wij alleen maar kunnen aantekenen dat ze er niet ver langs zitten.
Na een afwezigheid van enkele jaren is zijn “Chris Potter Underground” terug op de podia. Hun muziek is omschreven als eigentijdse fusie van jazz, funk en rock, een prima voedingsbodem voor Potter’s virtuositeit.
Potter werd vooral bekend als spraakmakend saxofonist in de bands van Dave Holland en Dave Douglas, maar speelde ook bij Pat Metheny, Paul Motian, Joe Lovano, Mike Mainieri, Steve Swallow, de Mingus Big Band en zelfs Steely Dan.
“Potter is growing into one of the major saxophonists of today. [He is an] astonishingly confident and full-bodied player and shows prowess on any of his chosen horns, each of which he plays in a muscular post-bop manner that are full of surprising twists...”
(Penguin Guide to Jazz on CD, 6th Ed).

Bezetting
Chris Potter tenor- en sopraansaxofoon
Adam Rogers gitaar
Fima Ephron basgitaar
Dan Weiss drums

Nid: 221 Body:

Endrik Üksvärav is geboren en getogen in Estland. Daniel Reuss koos hem uit om dit seizoen de carte blanche in te vullen, vanwege zijn bijzondere talenten als zeer fijnzinnig koorleider en zijn enorme kennis van de zangtradities en esthetiek van de Baltische muziek. De dirigent stelde een programma samen dat volledig bestaat uit Estse muziek van drie generaties componisten, met bekende tot zeer bekende componisten als Pärt en Tüür, zelfs met Nederlandse premières, en betrekkelijk onbekende componisten als Tormis, Grigorjeva, Kõrvits en Uusberg.
Een uiterst boeiend en veelzijdig programma.
De titel van het programma is ontleend aan het gelijknamige boek van Jan Brokken, waarin hij een onthutsend beeld schetst van de geschiedenis van de Baltische landen waarin elk levend mens wel een ander mens verloren heeft. ‘Al wat in de 20ste eeuw in Europa is gebeurd, vind je in verhevigde vorm in de Baltische landen terug’, aldus de schrijver.
Met een rijkdom aan stemkleuren bereikt kamerkoor Cappella Amsterdam zijn specifieke homogene klank, hetgeen hen tot een van de topkoren in Nederland maakt, maar ook ver daarbuiten. Sinds 1990 staat het koor onder artistieke leiding van chef-dirigent Daniel Reuss.
Al vanaf de oprichting in 1970 door Jan Boeke vormt de liefde voor muziek de leidraad voor Cappella Amsterdam. Om elke compositie te laten spreken, heeft het koor zich zowel op moderne als op oude, authentieke zangtechnieken toegelegd. De nadruk in het repertoire ligt op die twee uitersten: oude meesters en moderne muziek. Naast samenwerking met Nederlandse topensembles en -orkesten, zoals het Orkest van de Achttiende Eeuw en Asko|Schönberg, werkt het koor met de fine fleur van internationale gezelschappen zoals de Akademie für Alte Musik Berlin, het RIAS Kammerchor en musikFabrik.
Bij Harmonia Mundi verschijnen vrijwel jaarlijks cd’s van het kamerkoor. De cd met koorwerken van Leoš Janáček werd in 2013 bekroond met de Edison Klassiek. In 2015 werd het album met koorwerken van Johannes Brahms onderscheiden met de Preis der Deutschen Schallplattenkritik.

Programma
Veljo Tormis (1930-2017)
Raua needmine [Een vloek over het ijzer] (1972 )
Kuulmata kuskil kumiseb kodu [Geluidloos ergens gemurmel huiswaarts] (1998)

Arvo Pärt (1935)
Alleluia-Tropus (2008)
Kleine Litanei (2015, Nederlandse première)

Erkki-Sven Tüür (1959)
Missa brevis (2013, Nederlandse première)
Kui vaikivad päevased tuuled [Als de winden stil worden] (2001)

Galina Grigorjeva (1962)
In Paradisum (2012)

Tõnu Kõrvits (1969)
Stabat Mater (2014, Nederlandse première)

Pärt Uusberg (1986)
Miserere (2008)

Nid: 222 Body:

Sedert lang op ons verlanglijstje en op veler verzoek: de match tussen
twee buitenbeentjes binnen de oude muziek. Graindelavoix zingt Gesualdo!
Gesualdo (1566-1613) publiceerde de “Responsoria”, tezamen met een psalm en een hymne als één dramatisch werk in 1611 in Napels.
Graindelavoix wil niet alleen tegemoetkomen aan de madrigaleske aspecten van de cyclus, maar voegt er de intensiteit van de mediterrane Settimana Santa aan toe, in een overigens introspectieve setting met kaarslicht, passend bij de passietijd.
Het in principe Vlaamse, maar verder erg kosmopolitische vocale ensemble Graindelavoix is in Zeeland inmiddels een vaste waarde, hetgeen zonder uitzondering uitmondde in formidabele concerten, dit Gesualdo-concert zal daar geen uitzondering op zijn.
Als één van de weinigen in het oude muziek-genre durft dit ensemble in de voetsporen van Marcel Peres’ Organum te treden, waarbij de stemmen van ongepolijste volkszangers gebruikt worden om middeleeuwse muziek tot klinken te brengen. Graindelavoix durft zelfs laten we zeggen allochtone, niet-westerse stemmen in te zetten. Graindelavoix bereikt in deze traditie ongekende hoogtes en biedt verrassend nieuwe perspectieven.
Graindelavoix heeft inmiddels de nodige cd’s op de markt gebracht, waaruit een grote voorliefde bleek voor min of meer obscuur middeleeuws en renaissance-materiaal.
Guido van Oorschot had daar in de Volkskrant van 27-11-2009 het volgende over te melden, in een verklaring waarom Graindelavoix zo hoog eindigde in de jaarlijstjes:
“Over kleurrijke karakters gesproken: Björn Schmelzer, de zelfverklaarde voddenraper van de muziekgeschiedenis, slaat het beate imago van de Middeleeuwen en Renaissance aan gort. Met dank aan de schurende en raspende stemmen van zijn Vlaamse ensemble Graindelavoix."
Dit ging over de cd “La Magdalene”, waar het ensemble de prestigieuze Caeciliaprijs voor won in datzelfde jaar.
Zoals men van Graindelavoix mag verwachten wordt dit geen verplichte oefening, maar een ongetwijfeld pakkend en gedreven concert.

Programma
Carlo Gesualdo (1566-1613)
Responsoria et alia ad Officium Hebdomadae Sanctae spectantia (1611)

Bezetting
Björn Schmelzer artistieke leiding
Anne-Kathryn Olsen zang
Carine Tinney zang
Razek François Bitar zang
Albert Riera zang
Andres Miravete zang
Marius Peterson zang
Adrian Sîrbu zang
Arnout Malfliet zang

Nid: 228 Body:

De Noorse trompettist Mathias Eick is een ongelooflijke en onnavolgbare muzikant. Niet alleen kan hij zich op trompet met de besten meten, en passant speelt hij ook vibrafoon, contrabas, piano en gitaar, alles wat nodig is om het geluid te vervolmaken, onder meer op platen van Chick Corea en Jon Balke. Als multi-instrumentalist is hij ook een van de gangmakers achter de fameuze prog-rock-big-band Jaga Jazzist, een weerbarstige jazz-formatie, die festivals als Lowlands zonder problemen plat weet te spelen.
Inmiddels heeft hij een respectabel aantal cd’s uitgebracht op het prestigieuze ECM-label, waarbij zeker het album “The Door” uit 2008 een klassieker is. In april 2018 verschijnt het nieuwe album “Ravensburg”, waar op deze tour ongetwijfeld het nodige van te horen zal zijn.
Beïnvloed door vooral Kenny Wheeler, maar ook Chet Baker, Miles Davis en Enrico Rava, heeft Eick zich inmiddels ontwikkeld tot een van de belangrijkste muzikanten uit Scandinavië.
Hoewel zijn muziek inderdaad noordelijk en introspectief klinkt, is daar altijd die ingehouden swing en dynamiek en zucht naar avontuur en experiment, waarbij alles volstrekt natuurlijk en vanzelfsprekend klinkt.
In april 2016 speelde hij ook bij MuziekPodium Zeeland in Schuttershof. Veel van de mensen, die daarbij waren, vonden dit met afstand het beste concert van het jaar.
Voldoende reden om met de nodige verwachtingen naar dit concert uit te zien.

Bezetting
Mathias Eick trompet
Gjermund Larsen viool
Audun Erlien contrabas
Torstein Lofthus drums

Nid: 223 Body:

Het “Miserere” van Allegri is een magisch stuk, dat eeuwenlang alleen in het glorieuze isolement van de Sixtijnse Kapel werd uitgevoerd. Tijdens dit passie-concert mag een dergelijk stuk van bijna mystieke schoonheid niet ontbreken.
Het Nederlands Kamerkoor voert het stuk uit, samen met Scarlatti’s “Stabat Mater” en enige “Responsoria” van Gesualdo, plus wat meer recente passie-muziek van James MacMillan en Giacinto Scelsi, alles bij elkaar genomen een programma met zeer fraaie muziek.
2017 was voor het Nederlands Kamerkoor een jubileumjaar, waarin het zijn tachtigjarig bestaan vierde, waarbij met name Zeeland vergast werd op de Vespers van Rachmaninov. Al die jaren behoort het koor al tot de wereldtop. Het staat vanaf het prille begin bekend om zijn avontuurlijke en vernieuwende koers: met het uitzetten van opdrachten aan grote componisten en jong talent, met de ontwikkeling van nieuwe vormen en met spannende samenwerkingen.
Het koor wordt geroemd door critici in binnen- en buitenland: “Het Nederlands Kamerkoor blijkt voor de koormuziek wat het Concertgebouworkest is voor de orkestmuziek: een toonaangevend topensemble”, aldus de Volkskrant (2016).
Sinds 2015 is Peter Dijkstra chef-dirigent van het koor. Hij is een van de meest gevraagde koordirigenten ter wereld en staat keer op keer garant voor sprankelende uitvoeringen. Dat zal deze keer niet anders zijn.

Programma
Gregorio Allegri Miserere mei, Deus
Domenico Scarlatti Stabat Mater
Carlo Gesualdo Responsoriae
Giacinto Scelsi Tre Canti Sacri
James MacMillan Miserere

Nid: 224 Body:

Het Orkest van de Achttiende Eeuw komt opnieuw naar Zeeland op haar 144e tour, in grote bezetting, met voornamelijk Beethoven op de lessenaars, de meer dan vermaarde Philippe Herreweghe op de bok en het Amerikaanse talent Bobby Mitchell op de fortepiano.
Het Orkest van de 18e Eeuw is een van de belangrijkste en zeker het meest oorspronkelijke symfonieorkest, dat Nederland rijk is, bovendien met een internationale reputatie en uitstraling.
Het orkest werd in 1981 opgericht door dirigent en fluitist Frans Brüggen en is gespecialiseerd in muziek uit de laat-barok en de klassieke periode, hoewel dat ruim genomen wordt: Haydn, Beethoven en Mozart, maar ook Bach, Purcell en Rameau en niet te vergeten Schubert en Mendelssohn. Het orkest bestaat uit meer dan 50 musici afkomstig uit 23 landen, die allen spelen op authentieke instrumenten of hedendaagse kopieën ervan. Wat betreft opzet en grootte benadert het orkest de meest uitgebreide "klassieke" orkesten uit de 18e en vroege 19e eeuw in Londen, Parijs en
Wenen.
Het orkest staat dit keer onder leiding van Philippe Herreweghe, Vlaams dirigent van internationale naam en faam, inmiddels ook geridderd. Vooral bekend als oprichter en dirigent van Collegium Vocale Gent, een vocaal ensemble van wereldformaat, dat Herreweghe tot een van de belangrijkste vernieuwers maakte, met
Harnoncourt en Leonhardt, op het gebied van de authentieke uitvoeringspraktijk.
In 1977 richtte hij in Parijs het ensemble La Chapelle Royale op en in 1991 het Orchestre des Champs Élysées, in beide gevallen ook richtinggevende ensembles.
Herreweghe is de laatste jaren ook actief in het grote symfonische repertoire van Beethoven tot Gustav Mahler, met name als hoofddirigent van het Antwerp Symphony Orchestra. Daarnaast is hij een veelgevraagd gastdirigent van orkesten als het Koninklijk Concertgebouworkest in Amsterdam, het Gewandhausorchester in Leipzig en nu dus het Orkest van de Achttiende Eeuw.
De jonge Amerikaanse pianist Bobby Mitchell, studeerde aan conservatoria in de V.S., Duitsland, maar ook aan het Koninklijk Conservatorium Den Haag, was in de leer bij o.a. David Kuyken en Bart van Oort, en interesseert zich voor zowel muziek uit voorbije eeuwen als voor hedendaagse muziek, warm pleitbezorger als hij is van de muziek van met name Frederic Rzewski, maar ook van Andriessen en Reich.
Naast de moderne piano bespeelt hij het klavecimbel en de fortepiano, zoals op deze avond, welke in meerdere opzichten uiterst veelbelovend oogt.